Selecteer een pagina

Het jaar 2020 zou het jaar zijn waarin mijn Olympische droom zou uitkomen. Na een prachtige zege eind 2019 tijdens de World Masters in China lag ik goed op koers. Zo veroverde ik opnieuw de nummer 1 positie op de wereld ranglijst en won ik een bronzen plak tijdens de Grand Slam van Parijs begin 2020. Mijn Olympische droom kwam steeds dichterbij; de droom waar ik al jaren naar toe werk.

Wij zouden halverwege maart een trainingskamp hebben in Japan. De laatste keer dat we naar Japan zouden gaan voor de start van de Olympische Spelen. Ik kan me nog goed herinneren dat wij op mijn verjaardag 27 februari 2020 te horen kregen dat we niet naar Japan konden om te trainen. Dit i.v.m een virus dat zich zou verspreiden. Mijn eerste reactie was: balen, maar eigenlijk waren we gelijk al bezig met een nieuw plan. Nieuwe mogelijkheden bekijken en niet bij de pakken neer zitten. Misschien trainingen in Georgië, Frankrijk of Spanje. Alles werd overwogen. We maakte een beslissing en deze werd opnieuw ingediend bij de Nederland Judo federatie.

Vanaf dit moment is alles eigenlijk heel snel gegaan. Het virus COVID-19 ontstaan in  Azië verspreidde zich wereldwijd. Iets wat ik vanwege mijn sportieve drive en naïviteit eigenlijk niet serieus nam. Het enige wat voor mij telde was mijzelf zo goed mogelijk voorbereiden op dat ene doel: De Olympische Spelen in Tokyo op donderdag 30 juli. Nadat Nederland getroffen werd voelde ik dat de situatie ook invloed had op mij en de mensen om mij heen. Dit was het moment waarop ik de realiteit begon in te zien.

Evenementen werden afgelast, bedrijven moesten dicht en een intelligente lockdown was begonnen. Maar de Olympische Spelen stond nog steeds op het programma ondanks alle kritiek van buitenaf. Totdat het hogere woord op 23 maart eruit was; De Olympische Spelen worden uitgesteld. Een moment dat ik nooit meer zal vergeten. Hoe nuchter ik ook van mijzelf ben, deze klap kwam toch echt aan. Hoewel er eindelijk duidelijkheid was, overheerst toch nog steeds de teleurstelling.

Dit zijn juist de momenten die bepalen wat voor een sporter je bent. Een doorzetter of een opgever een optimist of een pessimist. De volgende ochtend stond ik weer fris op en realiseerde ik mij, met dank aan bijzondere mensen om mij heen, dat de Spelen nog steeds doorgaan. HET DOEL BLIJFT HETZELFDE, ALLEEN HET TIJDFRAME VERANDERD. Ondanks alle onzekerheid over eventuele toernooien, trainingsfaciliteiten of mogelijkheden probeer je er het beste van te maken. “Something is more than nothing”. Ook hier bespreek ik met mijn team wat de mogelijkheden zijn om ondanks alle regels toch fit te blijven…

In mijn volgende post zal ik hier dieper op ingaan.